vrijdag 21 december 2012

De Donkere Kamer van Damokles

Damokles

De Donkere kamer van Damokles gaat over Henri Osewoudt. Henri ontmoet tijdens de tweede wereld oorlog Dorbeck. Osewoudt lijkt erg veel op Dorbeck. Henri krijgt veel opdrachten van Dorbeck en hij voert deze uit.

Osewoudt wordt opgepakt, dan komt hij vrij en daarna vermoordt hij mensen. Als de oorlog voorbij is, wordt Osewoudt uitgemaakt voor landverrader. Osewoudt kan Dorbeck niet meer vinden, het lijkt erop dat Dorbeck van de aardbodem is verdwenen. Osewoudt probeert met een foto te bewijzen dat Dorbeck bestaat, maar die foto bestaat helemaal niet. Het is de vraag of de dubbelganger van Osewoudt wel bestaat.

Biografie

Willem Frederik Hermans word geboren op 1 september 1921 in Amsterdam. Hermans was misschien wel de belangrijkste Nederlandse schrijver van de twintigste eeuw naast Gerard Reve en Harry Mulisch. Ze worden ook wel De Grote Drie genoemd.

Willem Frederik Hermans stamt uit een Amsterdams onderwijzersgezin. Hermans ging fysische geografie studeren aan de universiteit van Amsterdam en promoveerde in 1955. Hij werd lector aan de universiteit van Groningen. Herman kreeg hier interne problemen en hij vertrok. Hij kreeg niet alleen in Groningen problemen, maar er ontstond ook veel promotie rond het boek Ik heb altijd gelijk, omdat er kwetsende passages over de Katholieken in staan. In 1986 werd Hermans door de Burgemeester van Amsterdam persona non grata verklaard omdat hij Zuid-Afrika bezocht op uitnodiging van zijn uitgevers. Hermans doorbrak daarmee een bestaande boycot. Hermans was op 5 december 1988 slachtoffer geworden van een aanslag door een paranoïde persoon. Herman was ook redacteur van de tijdschriften Criterium en Podium. In 1990 werd hij eredoctor van de universiteit van Luik, en in 1993 van de universiteit van Pretoria. Hermans weigerde een aantal prijzen, waaronder de Prijs van de Stichting Kunstenaarsverzet en de P.C. Hooftprijs voor zijn hele oeuvre.

Herman woonde een periode van zijn leven in Parijs. De laatste jaren van zijn leven, woonde hij in Brussel. Hermans overleed op 27 april 1995

Bron:

http://www.willemfrederikhermans.nl/

http://www.nederlandleest.nl/W_F_Hermans.html

http://nl.wikipedia.org/wiki/Willem_Frederik_Hermans

Fotoserie



  

 
Ik heb voor deze foto’s gekozen omdat ze allemaal een stuk van het boek vertegenwoordigen. Op de 1e foto zie je 2 dubbelgangers die staan voor Osewoudt en Dorbeck. Op de 2e foto zie je een sigarenboer uit de 2e W.O, Osewoudt werkte in een sigarenboer en hier ontmoete hij Dorbeck. Op de laatste foto zie je de chaos die er is tijdens de oorlog, het boek speelt zich af tijdens de oorlog en deze foto reflecteert de chaos en verwarring die er in die tijd was. 




Motto

Deze motto past bij het boek omdat Osewoudt wilt aantonen dat Dorbeck bestaat. Het past ook goed bij het thema illusie en werkelijkheid, omdat Henri wilt bewijzen dat Dorbeck bestaat, maar houd hij zichzelf niet voor de gek?

‘Ik kan hem zoeken als hij er niet is, maar hem niet ophangen als hij er niet is. ‘Men zou kunnen willen zeggen: ‘’Dan moet hij er toch ook zijn als ik hem zoek’’ – Dan moet hij er ook zijn als ik hem niet vind, en ook als hij helemaal niet bestaat.’

Ludwig Wittgenstein

Titelverklaring

De donkere kamer verwijst naar een doka waar foto’s in ontwikkeld worden. Foto’s spelen in dit verhaal een grote rol. De mensen die te maken hebben met de opdrachten van Dorbeck identificeren zich met foto’s die aan het begin van het verhaal door Osewoudt zijn ontwikkeld. Een foto van Henri en Dorbeck moest volgens Henri ook bewijzen dat Dorbeck bestond, Osewoudt bleef namelijk volhouden dat Dorbeck bestond, niemand geloofde hem echter. Toen zijn Leica-camera gevonden was, bleek de foto er dus niet in te zitten. Dit was omdat de foto gemaakt was in een kamer die te donker daarvoor was.

Ik vind dit boek over het algemeen wel leuk, al zaten er wel stukken in die erg saai waren. Ik zat dan te lezen en dan wilde ik stoppen omdat het erg saai en veel was. Toch zaten er ook leuke stukken in het boek waar je niet wilde stoppen met lezen. Bijvoorbeeld als Osewoudt in een situatie terecht kwam waar hij uit moest komen. Ik zou dit boek zeker aanraden en erbij zeggen dat je door moet lezen, want toen ik een dag niet las, was ik deels vergeten waar het over ging. Ik vond dit boek soms wel onduidelijk. Dan las ik bijvoorbeeld, en dan moest ik een stuk weer opnieuw lezen omdat ik het onduidelijk vond. De manier waarop Willem Frederik Hermans schrijft spreekt me aan omdat hij heel direct is een hij schrijft niet van die hele lange zinnen die je niet snapt. Ik vond het ook leuk dat het boek spannend begint, en dat het niet pas op het einde spannend wordt. Soms praatte personages met elkaar en dan was het moeilijk te begrijpen wie wat zegt. Dit boek was voor mij niet echt een boek waar je snel doorheen leest omdat ik steeds moest nadenken wat er eigenlijk gebeurde. Ik denk dat het voor Osewoudt erg frustrerend was dat hij wilde bewijzen dat Dorbeck echt bestond. De schrijver heeft het verhaal hier nog leuker mee gemaakt vind ik. Als je houdt van goede romans moet je dit boek zeker lezen. Dit is zeker een aanrader!

maandag 12 november 2012

Middeleeuwen 3in1

Middeleeuwen 3in1

Een pennenproef als begin
- Wat is een pennenproef?
Nadat een schrijver/kopiist zijn ganzenveer had aangescherpt, probeerde hij even uit of de pen weer goed schreef. Vaak schreef hij op een kladvel het eerste dat hem te binnen schoot.
- In welke periode werd Oudnederlands gesproken?
Tussen ca. 800 en 1150.
Leg op grond van de tekstpagina Lied van Heer Halewijn uit welke eigenschappen van
mondeling overgeleverde literatuur daarin naar voren komen.
"Het feit dat de meeste verhalen in gepaard rijm (AA BB CC etc.) waren vormgegeven,
droeg eraan bij dat ze gemakkelijk in het gehoor lagen en beter onthouden konden
worden. Ook de regelmatige herhaling was daarbij een hulpmiddel."


Hoofsheid
Opdrachten
1 - Welke invloed hadden de kruistochten op de hoofse cultuur?
Tijdens de kruistochten raakten velen onder de indruk van de Arabische cultuur, waar
de kunst van het levensgenieten veel verder ontwikkeld was dan in Europa. Vanaf die
tijd begint zich, het eerst aan de Franse hoven, een hoofse cultuur te
ontwikkelen.
- Wat was het belangrijkste principe van de hoofse omgangsvormen?
Het belangrijkste principe van de hoofse omgangsvormen is respectvolle
gemanierdheid: je laat de ander in zijn waarde en plaatst deze niet voor onaangename verrassingen. Je bent wellevend, galant en je beheerst je driften en impulsen.
2 - Lees de tekstpagina over Floris ende Blancefloer. Leg uit in hoeverre de kruistochten van belang zijn geweest voor het schrijven van deze roman.
"De charme van Floris ende Blancefloer moet voor middeleeuwers niet alleen hebben gelegen in het romantische verhaal, maar ook in het feërieke decor. De beschrijvingen van wonderbaarlijke bewegende beelden op het (schijn)graf van Blancefloer, de exotische tuinen en het fantastische paleis van de emir van Babylon zijn ongetwijfeld beïnvloed door de indrukken die de kruistochtvaarders in het Midden-Oosten hadden opgedaan."
  
Van den vos Reynaerde
- Waar blijkt in het tekstfragment dat Reinaert een doortrapte schurk is?
Direct aan het begin, waar Reinaert Tibeert door het bespotten van zijn aarzeling zover krijgt om zichzelf het oordeel aan te doen. Voorts in het vervolg, waar Reinaert Tibeert in zijn doodsnood bespot.
- Welke twee tegenstrijdige gevoelens maakt Reinaert bij de lezer/luisteraar los?
De ene keer wekt hij bewondering door zijn slimheid, dan weer roept hij afschuw op
door de manier waarop hij anderen te grazen neemt.
-De prent van Fokke ende Sukke bij deze pagina verwijst naar de 'Madocke'. Leg uit hoe de humor in deze grap in elkaar steekt.
De prent bevat een woordspeling op het werkwoord 'maken'. De eerste zin van de
Reinaert luidt 'Willem die Madocke maecte', waarbij 'maken' doorgaans opgevat wordt als 'schrijven' en Madocke dus een tekst moet zijn. Volgens de prent is 'een madocke' echter een ingewikkeld apparaat, dat door Willem 'gemaakt' in de zin van 'gerepareerd' zou kunnen worden. Dat werpt een geheel nieuw licht op de eerste zin van de Reinaert.

vrijdag 12 oktober 2012

Opdracht 1B


Ridderliteratuur
Bij de ridderliteratuur/romans doet zich vaak epische verdichting voor. Epische verdichting houdt in dat de gebeurtenissen van diverse avonturen, van bijvoorbeeld Karel de Grote, wordt toegedicht. Bij de Karelromans gaan de verhalen meer over onerlinge gevechten tussen ridders. Ook zijn er de nieuwere hoofse verhalen (vanaf ca. 1150). Een voorbeeld van die zijn de Arthurromans, waarbij het verwerven van een uitverkoren vrouw centraal staat.  Arthurromans zijn voornamelijk populair aan de adellijke hoven. Vier onderwerpen waar Ridderromans over kunnen gaan zijn, waarin Karel de Grote een centrale rol speelt. Hier gaan de verhalen over onderlinge gevechten tussen ridders, en het veroveren van land en vrouwen. En Arthurromans, waarin een uitverkoren vrouw of de heilige graal centraal staat. Het verschil tussen Karelromans en Arthurromans zijn de onderwerpen van het verhaal. Zoals ik al eerder vertelde is het zo dat in Arthurromans dat een vrouw of de heilige graal het hoofd onderwerp is. Bij Karelromans zijn dat gevechten en het veroveren van een gebied of vrouw.

Karelromans
In het verhaal Karel ende Elegast krijgt Karel de opdracht van een engel uit stelen te gaan. Zelf vind ik het raar dat Karel de opdracht krijgt om te stelen van een engel. Karel ende Elegast behoort tot een Karelroman omdat in de tekst van Karel ende Elegast onderwerpen als, riddergevechten, en het trouwen van de weduwe wiens man is vermoord door de riodder, naar voren worden gehaald. Twee andere romans die tot Karelromans behoren zijn: Roelantslied, Vier Heemskinderen en dus Karel ende Elegast. In het verhaal van Roelantslied heb je twee ridders waarvan één trouw is aan keizer Karel en de ander juist ontrouw. De trouwe ridder Roelant die voor Karel heeft gevochten tegen de Basken had de strijd verloren. Over de verrader heb ik zelf niks kunnen vinden. Roelantslied is een Karelroman. De elementen in het verhaal die verwijzen dat het een Karelroman is zijn dat het verhaal voornamelijk een gevecht is tussen twee groepen ridders die vechten voor land. En ook dat er niks over vrouwen in het verhaal verteld word.

Fokke en Sukke
Als opdracht moest er commentaar gegeven worden op de strip van Fokke en Sukke. Ik snap de strip zelf niet. Ik zie ook de grap ervan ook niet in. Verder moesten we uitleggen wat een maliënkolder is. Een maliënkolder is in principe een pantser of harnas gemaakt van ringen. Maliën betekend metalen ringen. Kolder betekend vest.

Arthurromans
Ferguut alias De Ridder met het witte schild, was een zoon van een boer, maar zijn moeder was van de stand van adel. Hij wilde niets liever dan een ridder worden. Hij versloeg de zwarte ridder, en kreeg jonkvrouw Galiëne, en werd koning van een groot rijk. De uitvinder van dit verhaal is waarschijnlijk afkomstig uit de zuidelijke Nederlanden, vermoedelijk uit het graafschap Namur of Luik.
In de tijd van de ridders kon je op verschillende manieren ridder worden. Die manieren staan ook in de tekst van Ferguut verwerkt. Je kon ridder worden op de volgende manieren: Door een zoon van adel te zijn, of door een ridder te verslaan in een gevecht.
Films die gaan over ridder Arthur zijn: Knights of the Round Table (1953), Excalibur (1981), Sword of the Valiant: The Legend of sir Gawain and the green Knight (1984) en King Arthur (2004).
De vier ridders die de hoofdpersonen spleen in de Arthurromans zijn, Arthur, Ferguut, Walewein en Lancelot. Verder zijn kenmerken van hoofsheid ,waardering hebben voor de vrouw) moed, kracht en intelligentie.  In het verhaal van Ferguut is het gedrag van hem niet hoofs, want in het begin van het verhaal wijst hij de jonkvrouw Galiëne af.

“Lief, uminne heft mi  gehevaen;
Ghine troest mi, si sal mi verslaen,
U minne doet mi grote toren.”

Vertaald:

“Schat omdat uw liefde me heeft bevangen.
Als u me niet troost dan zal ze me doden,
Want ze doet me veel verdriet.

Dit stukje spreekt me aan omdat het een mooi voorbeeld is van de hoofse liefde in een Arthurroman.

dinsdag 2 oktober 2012

Twee Vrouwen

Link naar info over de auteur:
http://nl.wikipedia.org/wiki/Harry_Mulisch


Link naar een samenvatting:
http://www.scribd.com/doc/25115340/SAMENVATTING-Harry-Mulisch-Twee-Vrouwen


Link naar een recensie:
http://www.recensieweb.nl/recensie/2650/Alle+vrouwen+zijn+lesbies+behalve+zij+die+het+nog+.html

Het verhaal gaat over Laura Tinhuizen en Sylvia Nithart, Laura die net vijf jaar geleden een zevenjarig huwelijk heeft beëindigd met Alfred Boeken (omdat het huwelijk kinderloos bleef) ontmoet Sylvia op een gewone dag in februari voor een etalage van een juwelier. Het lijkt alsof het een wazige foto is en alleen Sylvia ziet ze scherp, ze besluit erop af te lopen en zo komen de twee in contact en krijgen ze uiteindelijk een relatie. Voor Laura is dit allemaal nieuw, ze heeft nog nooit een lesbische relatie gehad. Voor Sylvia niet die heeft eerder lesbische relaties gehad.
Op een gegeven moment gaan de twee samenwonen en besluiten hun relatie voor hun ouders geheim te houden. Sylvia verteld aan haar ouders dat ze samenwoont met een student (Thomas). Toch lukt het niet om de relatie geheim te houden als Laura's moeder (die in een verzorgingshuis in Nice verblijft) er langzamerhand achter komt.  
Als ze een keer naar een première van een toneelstuk gaan, die geschreven is door een oude bekende van Laura, komen ze Alfred tegen. Sylvia ontmoet Alfred hier dus. 
Nadat Sylvia aan Laura verteld dat ze voor altijd van haar zal blijven houden gaat het eigenlijk steeds slechter met hun relatie, Sylvia wordt 'depressief' en zegt tegen Laura dat ze voor een tijdje bij haar ouders gaat blijven om het allemaal uit te zoeken. Sylvia liegt tegen Laura, ze is maar heel even bij haar ouders geweest en is daarna vertrokken met Alfred naar Londen. Als Laura hier achterkomt snap je wel dat ze helemaal flipt en depressief wordt, ze kan het niet geloven. 
Net wanneer Laura als het ware eigenlijk een beetje 'over' Sylvia heen is, staat Sylvia uit het niets voor de deur.
Laura kan het niet geloven, maar Sylvia legt uit waarom ze het gedaan heeft. Ze verteld dat ze het allemaal gedaan heeft om hun kinderwens in vervulling te brengen, en heeft Alfred daarvoor gebruikt. Laura houd natuurlijk nog steeds van Sylvia en alles lijkt eventjes weer helemaal goed te komen, ze zegt zelfs tegen Sylvia om het uit te gaan praten met Alfred, waarop Alfred de volgende dag naar Amsterdam komt om het uit te praten met Sylvia terwijl Laura op haar werk is. Dan krijgt Laura een telefoontje vanaf haar werk, er wordt verteld dat er iets is gebeurt met haar huisgenoot, zonder na te denken gaat ze meteen richting huis natuurlijk. 
Als ze bij het huis aankomt ziet ze Sylvia dood op de grond liggen en Alfred ernaast. Alfred heeft haar doodgeschoten.  

De thema's van het boek zijn denk ik Liefde (verhoudingen) en Homoseksualiteit omdat het boek hierover gaat.
Twee vrouwen die een relatie met elkaar aangaan (lesbisch) en net zoals in denk ik alle relatie's is het in het begin geweldig totdat er een keerpunt komt (wanneer één een verhouding krijgt) en voor deze twee eindigt het niet leuk.
Zowel Laura als Sylvia lijken me leuke vrouwen, vindt het leeftijdsverschil wel grappig vooral omdat ze lesbisch zijn en dat zie je niet echt vaak volgens mij. 

Harry Kurt Victor Mulisch (Haarlem, 29 juli 1927 - Amsterdam, 30 oktober 2010)
 De voorkant (één van de meerdere)

 Nog een van de meerdere voorkanten